Inkomstenbelasting omlaag ? Regeerakkoord 2017-2021

Inkomstenbelasting omlaag ? Regeerakkoord 2017-2021

1200 801 Marcel van Galen

Tarief inkomstenbelasting omlaag

We hebben er even op moeten wachten, maar op 9 oktober jl. heeft het kabinet Rutte III haar (fiscale) plannen vrijgegeven. In het oog springen de aankondigingen dat de tarieven in de inkomstenbelasting omlaag gaan. In Box 1 komen 2 tarieven, 36,93% over de eerste € 68.600, en 49,5% over het meerdere. Ook wordt het hebben van een eigen huis op het oog minder zwaar belast, omdat het eigenwoningforfait omlaag gaat. Overigens is niet duidelijk of dit ook voor de huizen boven € 1.060.000 WOZ waarde gaat gelden.

Forse beperking aftrekposten niet alleen voor hypotheekrente

Tegenover deze verlaging van de belastingheffing, staat een forse beperking van aftrekposten. Meest in het oog springend is dat de hypotheekrente versneld (in een periode van drie jaar) slechts aftrekbaar zal zijn tegen het tarief in de eerste schijf (36,9%). En dat geldt overigens niet alleen voor de hypotheekrente. Dat geldt ook voor alle andere aftrekposten in de inkomstenbelasting. Denk bijvoorbeeld aan de aftrek van betaalde alimentatie, lijfrente aftrek, de scholingsaftrek, de monumentenaftrek, de buitengewone lasten aftrek en de giftenaftrek

Eigen woningbezitters zonder een schuld op de eigen woning, hebben nu een aftrekpost ter zake van datzelfde eigenwoningforfait. Per saldo dus nihil. Niet alleen wordt die aftrekpost in 30 jaar teruggebracht, ook zal die aftrekpost slechts tegen het tarief in de eerste schijf aftrekbaar zijn. Voor de ondernemers in de inkomstenbelasting geldt dat de zelfstandigenaftrek hetzelfde lot is beschoren; aftrek op termijn tegen maximaal het tarief van de eerste schijf. Of dit ook voor de MKB vrijstelling (14% van de winst blijft buiten de belastingheffing) gaat gelden is niet duidelijk.

Minder belastingschijven

Het invoeren van één tarief over de eerste € 68.600 belastbaar inkomen, heeft tot gevolg dat de mensen met een laag inkomen er fors op achteruit gaan. Om dit te compenseren worden diverse kortingen die in een afbouw zaten opnieuw opgebouwd.

Verbetering box 3 grondslag

In box 3, belastingheffing over de inkomsten uit vermogen, wordt wat beter aangesloten bij de huidige rendementen spaarrekeningen. Daarnaast wil het kabinet zo snel mogelijk naar een andere vorm van het bepalen van de grondslag van de heffing.

Tarief aanmerkelijk belang omhoog

In box 2, de heffing over het zogeheten aanmerkelijk belang, gaat het tarief omhoog. Dit ter compensatie van het lagere vennootschapsbelastingtarief. Getracht wordt de combinatie van inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting over winsten uit ondernemingen op circa 40% te houden. Mogelijk dat overgang naar de BV-vorm voor ondernemers aantrekkelijker zal worden door een lager tarief voor de vennootschapsbelasting. Goed mogelijk dat de aangekondigde evaluatie van het gebruikelijk loon ertoe leidt dat de BV weer minder aantrekkelijk gaat worden.

BTW tarief omhoog

Nu de tarieven met ingang van 2019 naar een lager peil gaan, en de aftrekposten slechts gefaseerd beperkt worden, zal zeker in de eerste jaren de belastingdruk lager uitvallen. Daar staat tegenover dat het lage btw-tarief van 6% naar 9% zal gaan. Dat betekent met name in de sfeer van de dagelijkse boodschappen en de sportbeoefening een verhoging van de uitgaven.

Bedacht dient wel te worden dat er nog geen uitgewerkte (concept-) wetsvoorstellen liggen, zodat ondanks een kabinet dat uitstraalt alles vastgelegd te hebben, er toch nog aanzienlijke verrassingen kunnen komen bij de uitwerking van dit regeerakkoord.